Klare Taal Punt Vlaanderen

Op 24 maart jl. werd Klare Taal Punt Vlaanderen voorgesteld in het Vlaams Parlement. Het idee voor Klare Taal Punt komt uit Groot-Brittannië waar dergelijke dienst al zevenentwintig jaar bestaat.

Hoe schrijf je eenvoudige teksten voor volwassenen? Daarop een antwoord vinden en geven is de voornaamste taak van de nieuwe dienst. Veel mensen hebben problemen bij het lezen en beluisteren van informatie omdat daar veel te moeilijke woorden in voorkomen. Een op vijf Vlamingen heeft problemen met gewone teksten en een op zeven Vlamingen vindt de krant of ondertitels op televisie te moeilijk. Ook brieven schrijven of formulieren invullen is voor deze mensen niet evident.

Daarom geeft Klare Taal Punt les in eenvoudig schrijven, en kunnen bedrijven, diensten, verenigingen en de overheid Klare Taal Punt vragen voor hen een tekst te schrijven of te herschrijven zoadat hij voor iedereen begrijpelijk wordt.

Ook op internet vind je vaak onduidelijke en moeilijke teksten. Wie denkt dat zijn webstek niet al te duidelijk is kan die laten testen bij Klare Taal Punt en de dienst inschakelen om de webstek eenvoudiger te maken, zodat bezoekers vlugger achter de juiste informatie komen.

Wie meer wil weten over Klare Taal Punt Vlaanderen kan terecht op http://www.klaretaal.org.
(oorspronkelijk bericht gepubliceerd door: Micheline Baetens)

De Lijn drijft de spot met de Vlamingen in de Vlaamse rand rond Brussel!

Dat de directie van De Lijn het niet te nauw neemt met de taalgevoeligheid in de druivenstreek weten we allang. Zo is er in onze streek reeds lang consternatie over de tweetalige bestemmingsaanduidingen vooraan op de lijnbussen die Brussel aandoen. De verantwoordelijke minister Kathleen Van Brempt zou onlangs nu toch beslist hebben om die te laten vervangen door eentalig Nederlandse aanduidingen, hoewel dat dus nog niet meteen in de praktijk zichtbaar zal zijn.

Ook het taalgebruik van de chauffeurs van De Lijn laat echter te wensen over. Dikwijls wordt je in Overijse of Hoeilaart begroet met een “goedendag / bonjour”; in uitzonderlijke gevallen laat men het Nederlands zelfs vallen en krijg je een “bonjour” of “bonsoir” voorgeschoteld. Niet echt een voorbeeld om anderstaligen aan te zetten tot integratie natuurlijk…

Maar De Lijn weet blijkbaar niet van ophouden, want nu zijn de nieuwe uurroosters voor 2006 in heel onze regio tweetalig voor alle bussen die van en naar Brussel rijden. Deze uurroosters zijn vrij te verkrijgen in de infobakjes op elke bus. In antwoord op een mondelinge vraag van provincieraadslid Jan Laeremans tijdens de provincieraad van 7 maart ll. heeft de verantwoordelijke gedeputeerde Toine De Coninck beloofd dat de deputatie hierover een protestbrief zal schrijven naar de directie van De Lijn.

Het laatste, toch wel trieste “hoogtepunt” in heel deze affaire is dat er nu ook al eentalig Franse folders door De Lijn worden verspreid op het traject Hoeilaart – Overijse – Huldenberg – Leuven, een lijn die nota bene uitsluitend Nederlandstalige gemeenten bedient! Een Vlaams overheidsbedrijf, dat met flink wat Vlaams belastinggeld wordt gesubsidieerd, werkt dus dagelijks actief mee aan de verfransing van het straatbeeld in de Vlaamse rand rond Brussel. Waar zijn we in godsnaam mee bezig, vraag je je dan af?! Een ding is zeker: dit kan niet meer door de beugel!

Het wordt dus echt wel eens tijd dat er schoon schip wordt gemaakt binnen de directie van De Lijn. De verantwoordelijke voogdijminister Kathleen Van Brempt moet haar verantwoordelijkheid opnemen, want deze situatie kan de druivenstreek niet meer dulden. Als de Vlaamse regering het echt meent met haar beleid in de Vlaamse rand rond Brussel, dan moet ze dat beleid ook consequent op alle vlakken doortrekken! Anders draagt ze alleen maar water naar de zee…
(oorspronkelijk bericht gepubliceerd door: )

Extra rusthuisplaatsen in de druivenstreek

De plenaire vergadering van het Vlaams Parlement hechtte op 8 maart 2006 haar goedkeuring aan de aanpassing van het VIPA decreet dat moet toelaten om de lange wachtlijst van subsidieaanvragen weg te werken. Hierdoor krijgt Vlaams-Brabant ongeveer 53% van de bijkomende rusthuisplaatsen in Vlaanderen.

Voor de druivenstreek betekent dat dat er in Hoeilaart 11 OCMW rusthuisplaatsen bijkomen en 3 kortverblijfplaatsen. Het OCMW van Overijse krijgt er 23 rusthuisplaatsen bij en 4 kortverblijfplaatsen.
(oorspronkelijk bericht gepubliceerd door: Micheline Baetens)

Professor uit Overijse dient klacht in

Professor Dirk Devroey, VLD-bestuurslid in Overijse diende klacht in bij de Vaste Commissie voor Taaltoezicht, bij de gouverneur en bij verschillende ministers, omdat een Nederlandstalige patiënt uit Overijse werd behandeld door een urgentiearts van een mobiele urgentiegroep (MUG) die geen woord Nederlands sprak. (Het Nieuwsblad 3 maart 2006)

Professor Devroey vertelt dat de feiten zich afspeelden op zondag 12 februari 2006. “Een mobiele urgentiegroep werd via de dienst 100 opgeroepen voor een tussenkomst in Overijse. Het MUG-team kwam van het Sint-Lucasziekenhuis uit Sint-Lambrechts-Woluwe. De arts sprak geen woord Nederlands. Zelfs een eenvoudige begroeting kon niet. Een verpleegster moest de patiënt en de familie bevragen. Ze sprak zelf zeer gebrekkig Nederlands. De arts had blijkbaar de Franse nationaliteit en verbleef al twee jaar in België.”

Nog volgens de professor is dit geen alleenstaand geval. “De MUG-diensten die opereren in Overijse zijn vaak afkomstig uit Sint-Lambrechts-Woluwe, Leuven, Ukkel en Ottignies. Vooral bij de teams van Sint-Lucas uit Sint-Lambrechts-Woluwe en het Sint-Pietersziekenhuis in Ottignies bestaat er een schrijnend gebrek aan urgentieartsen die Nederlands spreken.”

Wie regelmatig in het Brusselse Universitair Ziekenhuis Sint-Lucas verblijft, weet dat het meeste personeel Nederlandsonkundig is. Eerlijkheidshalve moet er wel bijgezegd worden dat het ziekenhuis zich de laatste tijd bewust is geworden van het ‘tekortschieten’ op dat gebied van de dienst- en zorgverlening, en meer en meer tweetalig personeel probeert in te schakelen. Maar het blijft voorlopig nog een extra probleem voor de patiënt die, naast de zorgen en onzekerheid over zijn gezondheidstoestand, zich vaak onbegrepen en slecht geïnformeerd voelt.

Bij urgentie – wanneer je al in paniek bent – nog iemand aan je bed krijgen die je niet verstaat, is op zijn minst onverantwoord. Je bent geen goede arts en zorgverlener als je je daar niet van bewust bent!
(oorspronkelijk bericht gepubliceerd door: Micheline Baetens)

Kunststedenactieplan

Midden februari zette Vlaams minister van Toerisme Geert Bourgeois (N-VA) samen met de toerismeschepenen van de Vlaamse kunststeden het eerste kunststedenactieplan op de sporen. De stadsbesturen van Brugge, Antwerpen, Gent, Mechelen en Leuven willen met dit plan enerzijds beter en meer gecoördineerd promoten in het buitenland, en anderzijds de kwaliteit van het product ‘kunststad’ verbeteren.

De belangstelling voor onze kunststeden neemt af. De aankomstcijfers wijzen immers op een stagnatie. In de periode 1994-1998 was er een gemiddelde jaarlijkse groei van het aantal aankomsten door buitenlanders in de Vlaamse kunststeden van 4,9%, in de periode 1999-2003 verminderde de groei tot 1,8%. In 2002-2003 was er zelfs geen groei meer.

“Het is inderdaad een probleem en daar zijn meerdere redenen voor”, verklaart Klaas Verbeke van Toerisme Vlaanderen aan De Standaard. “Goedkope vluchten van luchtvaartmaatschappijen zoals Ryanair maken verdere bestemmingen aantrekkelijker dan vroeger. Mensen gaan gemakkelijker een lang weekend naar Madrid of Venetië als het ticket niet te duur is. Er zijn ook nieuwe spelers op de markt gekomen in Oost-Europa. En grote markten zoals Engeland voerden de jongste jaren de promotie voor hun binnenlands toerisme op. Al die factoren maken dat de Vlaamse kunststeden het moeilijk kregen.”

De doelstelling van het kunststedenplan is dan ook Vlaanderen coherent en efficiënt promoten als toeristische regio, en de economische positie van de Vlaamse toeristische ondernemingen versterken. Het moet tevens de toeristische reflex in de kunststeden zelf stimuleren. De kunststeden moeten hun expertise en informatie uitwisselen en hun acties op elkaar afstemmen.

Minister Bourgeois betreurt dat Brussel vooralsnog niet deelneemt aan het kunststedenoverleg: “Brussel is een Vlaamse kunststad bij uitstek en mag eigenlijk niet ontbreken in dit plaatje. Maar de deur staat nog altijd open. Wij zullen Brussel blijven informeren over de stand van zaken. De toerismeschepen blijft uitgenodigd voor alle overleg.”

Bron: Persdienst Bourgeois & De Standaard 18.02.2006
(oorspronkelijk bericht gepubliceerd door: David Joly)

Taalgebruik op openbare markten

Op 24 oktober 2005 keurde de gemeenteraad van Merchtem een besluit goed, waardoor handelaars op de woensdagmarkt enkel Nederlandstalige affiches en opschriften mochten uithangen. Dit besluit werd echter door de gouverneur van Vlaams-Brabant bij besluit van 28 november 2005 geschorst op basis van artikel 30 van de Grondwet. Dit artikel bepaalt dat het taalgebruik enkel bij wet kan worden opgelegd, maar eveneens dat het gebruik van de in België gesproken talen vrij is en enkel kan worden geregeld voor handelingen van het openbare gezag en voor gerechtszaken.

Momenteel is er geen enkele wettelijke regeling voorzien om het taalgebruik op openbare markten te regelen, zodat de taalvrijheid, voorzien in artikel 30 van de Grondwet, geldt.

Op 23 januari 2006 diende senator Joris Van Hauthem (VB) een wetsvoorstel in houdende de invoeging van een artikel 10bis in de wet van 25 juni 1993 betreffende de uitoefening van ambulante activiteiten en de organisatie van openbare markten. Dit artikel 10bis luidt als volgt: “Eenieder die een standplaats inneemt op een openbare markt, alsook al diegenen die hem daarbij behulpzaam zijn, gebruikt bij de schriftelijke en mondelinge aanprijzing van zijn goederen of diensten en in zijn communicatie de taal of de talen van het taalgebied waarin de openbare markt plaatsgrijpt”.

Anderzijds diende de senaatsfractie van het Vlaams Belang ook een voorstel van verklaring tot herziening van artikel 30 van de Grondwet in, zodat het principe van de taalvrijheid niet van toepassing is op de regeling van het taalgebruik op openbare markten.
(oorspronkelijk bericht gepubliceerd door: David Joly)

Wist je dat…? (3)

Wist je dat de inwoners van Vlaams-Brabant de hoogste levensverwachting hebben van alle Vlamingen? Mannen worden er gemiddeld 77,1 jaar, vrouwen 86,6. Dit blijkt uit een statistische profielschets van Vlaams-Brabant die eerder deze maand door minister-president Yves Leterme in Leuven gepresenteerd werd.

Het is dan ook veeleer onbegrijpelijk dat in de provincie waar de mensen het oudst worden het aanbod aan voorzieningen voor zieken, bejaarden en gehandicapten eerder zwak is, en ook de thuiszorg in Vlaams-Brabant minimaal is. Het aanbod per inwoners aan gezinszorg en poetshulp is zelfs het laagste van Vlaanderen. Wel heeft Vlaams-Brabant de meeste huisartsen en specialisten per inwoner.
(oorspronkelijk bericht gepubliceerd door: Micheline Baetens)

TraVo: nieuw studie- en documentatiecentrum voor Vlaamse volksmuziek

Op 30 september 2005 verschenen in het Belgisch Staatsblad de statuten van TraVo, of voluit Studie- en documentatiecentrum voor Traditionele Volksmuziek in Vlaanderen. De vereniging wenst de verschillende facetten van de traditionele volksmuziek uit Vlaanderen op een wetenschappelijk verantwoorde wijze in kaart te brengen, te verzamelen, te conserveren, te inventariseren en de verspreiding ervan te bevorderen: via dans, lied, instrumentale muziek, instrumenten en de gebruiken waarmee deze onderwerpen verbonden zijn.

TraVo wil met andere woorden het aanspreekpunt worden voor al wie zich wil verdiepen in de muzikale tradities van het Vlaamse land. Voorzitter Hubert Boone schreef reeds baanbrekende studies over Vlaamse volksinstrumenten, en wordt bijgestaan door bestuursleden Gilbert Huybens (muziekhistoricus en specialist van het oude liedboek) en Wim Bosmans (conservator aan het Muziekinstrumentenmuseum te Brussel).

Voorlopig draait TraVo uitsluitend op vrijwilligerswerk maar hoopt op een subsidiëring vanwege de Vlaamse overheid in het kader van het volkscultuurdecreet van 1999.

Meer informatie kan men bekomen op volgend adres: TraVo – kamer 03.27 – Parijsstraat 72B – 3000 Leuven.

Sinds kort is het centrum toegankelijk voor het publiek iedere eerste woensdag van de maand, van 14 tot 17u30. Bezoekers kunnen ook een afspraak maken via travo.centrum@hotmail.com en hubertboone@hotmail.com of telefonisch: 016/65.65.85.

Bron: Folkroddels.be

(oorspronkelijk bericht gepubliceerd door: David Joly)

Wist je dat…? (2)

Wist je dat er een nieuwe wet ter bescherming van de vrijwilligers bestaat? De nieuwe wet van 3 juli 2005 moest van kracht worden op 1 februari 2006 maar dit is ondertussen uitgesteld tot 1 augustus 2006. De wet moet het statuut voor de vrijwilligers regelen, maar legt ook aan kleine feitelijke verenigingen en de vele buurt- en wijkcomites bijkomende administratieve plichten op die geld en tijd gaan kosten. Zo zal elke organisatie onder andere een verzekering moeten afsluiten voor haar vrijwilligers.

Een statuut voor de vrijwilliger is misschien een nobel doel, maar zoals de wet er nu uitziet zou ze de doodsteek kunnen betekenen voor heel wat kleine organisaties. Afwachten dus of deze wet het vrijwillig engagement zal opwaarderen of afremmen.

(Meer hierover in een volgend Spoorslagnummer).
(oorspronkelijk bericht gepubliceerd door: Micheline Baetens)

Wist je dat…?

Wist je dat dienstencheques niet voor iedereen even voordelig zijn?

Met de dienstencheques kan men een werknemer betalen voor het verrichten van huishoudelijke arbeid zoals het schoonmaken van de woning, wassen en strijken, bereiden van maaltijden, enz.

Een dienstencheque kost 6,70 euro en kan worden afgetrokken van de belastingen. Dit brengt de kostprijs voor de gebruiker op 4,69 euro.

Ook een persoon met een handicap kan gebruik maken van dienstencheques om zijn thuishulp te organiseren. Gehandicapten met een laag inkomen hoeven echter geen belasting te betalen en kunnen dus ook niet genieten van het belastingsvoordeel dat normaal gekoppeld is aan de dienstencheques. Zij betalen dus de volle pot.
(oorspronkelijk bericht gepubliceerd door: Micheline Baetens)